De arrestatie van Christus (1598/ 1602?)**

Caravaggio (1571* – 1610)

Bij het samenstellen van het reprocitaat van de Zeeuwse dichter Hans Warren en de Italiaanse schilder Caravaggio viel me nog eens op hoe verschillend kunstenaarslevens kunnen zijn. Het leven van sommige kunstenaars speelt zich volledig af in de beslotenheid van hun eigen atelier en vooral in hun eigen hoofd. Terwijl anderen de beker van het leven tot de laatste druppel leeg drinken. Caravaggio behoort overduidelijk tot de laatste groep. Wat een leven! Caravaggio was bepaald niet iemand met goede manieren. Tijdgenoten ergerden zich aan zijn vieze verschijning en zijn agressieve acties. Zijn biografie moet vooral uit politie en gerechtsregisters worden samengesteld. En juist hij schilderde heilige levens en bijbelscènes zoals ze nog nooit waren geschilderd. Hij beeldt de heiligen uit als of het kornuiten van hem zijn, struikrovers, zigeunerinnen. Hun kleren zijn vuil, hun nagels in de rouw en hun lijven stinken.

Het leven van Caravaggio is een aaneen schakeling van affaires – een moeder beklaagt zich omdat hij haar dochter belaagt, een notaris wordt gestoken in een ruzie om zijn vrouw -. Want Caravaggio, homoschilder bij uitstek, had ook affaires met vrouwen.

Hoe kan zo’n begaafd schilder zo leven? Vragen veel kunsthistorici zich af. Maar misschien is het juist andersom. Alleen iemand die zo leeft kan zo schilderen. Een schilder die bloed kon vergieten en zelf bloedige wonden opliep. Een schilder die wist wat geweld inhield! Zoveel hoofden als er bij hem afgehakt worden! Mooi telt niet meer. Een schilder op de vlucht, voor de politie, voor zichzelf. Een schilder die sliep met zijn kleren aan en een goed geslepen dolk binnen handbereik. In 1606 heeft hij iemand in een duel gedood en sindsdien is hij op de vlucht. Zo leeft hij. Zo schildert hij.

Laten we een aantal van die onthoofdingen eens van wat dichterbij bekijken. Bijvoorbeeld:

Judith onthoofdt Holofernes (1599)
Heldere, harde figuren kenmerken deze schildering van een lugubere scène. De toekijkende dienstbode (met de zak om het hoofd in te doen) kijkt toe hoe de schone Judith de nog krampachtig spartelende aanvoerder van de vijandelijke troepen doodt. In de eerste versie waren de borsten van Judith ontbloot; de blouse is later aangebracht. Zoals veel schilderijen van Carravaggio is ook deze scène bijna letterlijk terug te voeren tot een bijbeltekst, in dit geval Judith 13 : 9 "En zij sloeg tweemaal in zijn hals met al haar kracht en hieuw hem zijn hoofd af en zij wentelde het lichaam van het bed."

David en Goliath (1601 – 1602)
1 Samuël 17 : 51 "Daarna liep David en stond op den Filistijn, en nam zijn zwaard, en hij trok het uit de schede, en hij doodde hem, en hieuw hem het hoofd daarmede af. Toen de Filistijnen zagen dat hun geweldigste dood was, zo vluchten zij."

De onthoofding van Johannes de Doper (1607 – 1608)
Een groot schilderij, dat Caravaggio maakte tijdens zijn verblijf op Malta. De vrijwel naakte beul doet zijn werk in de gevangenis. De edelman, wellicht de oppercipier, geeft alvast aan dat het hoofd in de schaal moet worden gelegd, zodat het aan de koning kan worden getoond. Salomé houdt de schaal vast; een dienstmaagd kijkt met afschuw toe. Op de achtergrond kijken twee andere gevangenen toe.

Dit altaarstuk is het enige bekende werk dat Caravaggio signeerde - in het bloed van de Doper.

Marcus 6 : 27 "En de koning zond terstond een scherprechter en gebood zijn hoofd te brengen. Deze nu ging heen en onthoofde hem in de gevangenis."

Salomé met het hoofd Johannes de Doper (1609 – 1610)
Een van de laatste schilderijen die Caravaggio voor zijn eigen dood maakte.
Mattheüs 14 : 9 "En de koning werd bedroefd; doch om de eden, en degenen die met hem aanzaten, gebood hij dat het haar zou gegeven worden."

David met het hoofd van Goliath (1601 – 1602)
David heeft zojuist de reus Goliath verslagen, en neemt het hoofd mee om aan zijn landgenoten te tonen. Sommige bronnen veronderstellen dat het hoofd van Goliath een gekweld zelfportret van de schilder Caravaggio is
1 Samuël 17 : 54 "Daarna nam David Het Hoofd van de Filistijn, en bracht het naar Jeruzalem, maar zijn wapenen leide hij naar zijn tent."

Ecce homo (1600)
Ook hier wordt door sommigen weer verondersteld dat het gezicht van Pilatus een zelfportret van Carravaggio is.
"Pilatus toont Jezus aan het volk: ziet de mens." (Johannes 19 : 5)
Chris150505.

* Onlangs (2007) is komen vast te staan dat het geboortejaar van Caravaggio inderdaad 1571 is. Over het leven van Caravaggio is weinig met zekerheid bekend. De ontdekking van zijn doopakte in een archief in Milaan is dan ook een bijzondere ontdekking. In het historisch archief van het bisdom van Milaan werd de naam van de schilder aangetroffen in een doopboek. Op 30 september 1571, daags na zijn geboorte, laten vader "Fermo Merixio" en moeder "Lutia de Oratoribus" een zoontje Michel Angelo dopen. De ontdekking werd gedaan door een gepensioneerd manager die zijn huidige vrije tijd in de archieven doorbrengt. Ook weer een iets ander leven dus dan onze hoofdpersoon. Maar toch een mooie ontdekking.
Chris13.03.07

** De waardering van kunstenaars en stijlen wisselt met de jaren. Aanvankelijk vond het werk van Caravaggio veel weerklank en navolging. Zeker ook in Nederland door de Utrechtse Caravaggisten. Een van zijn schilderijen "De arrestatie van Christus" werd zelfs een tijd lang toegeschreven aan een van deze Utrechtse kunstenaars namelijk aan Gerard van Honthorst en later zelfs met de toevoeging "naar" Gerard van Honthorst. Het geroemde schilderij zou eeuwen lang spoorloos zijn, om uiteindelijk in 1990 in Ierland weer op te duiken en herkend te worden als een echte Caravaggio. Hoe kan het ook anders, aangezien de schilder zichzelf uiterst rechts als lantaarndrager heeft afgebeeld. Sinds dien heeft het een ere plaats in de National Gallery of Ireland in Dublin.
Chris16.04.09 

home tekenlog schilderijen ruimtelijk werk grafiek reprocitaat kunst kolom video/ audio fotografie tekeningen
contact