Enzensberger-Ingres
Jean Auguste Dominique Ingres 'The Birth of the Last Muse
'

Op bezoek bij Ingres

Hans Magnus Enzensberger

Nu zou hij voor het Centraal Comité schilderen of voor Paramount,
dat hangt ervan af. Maar in die tijd zweetten de gangsters nog
onder het hermelijn en lieten de oplichters zich kronen.
Dus hier met die onderscheidingen, parels en pauwenveren.

We treffen de kunstenaar in gepeins verzonken. Hij heeft zich volgepropt
met 'hoogstaande gedachten en nobele hartstochten'.
Geen gemakkelijke zaak. Dure stoeltjes, Eerste if Tweede Empire,
dat valt te bezien. Weke kin, weke handen, 'Grieks tot in zijn ziel'.

Zestig jaar achtereen deze kille hebzucht, een expert in hart en nieren,
tot het bereikt was: de rozet in het knoopsgat, de roem.

Die vrouwen die zich voor hem op het marmer kronkelen
als robben van gistdeeg: tussen duim en wijsvinger
de borsten gemeten, het oppervlak bestudeerd als pluche,
tule, spiegelend taf, het vocht in de ooghoeken
twaalf keer gelazuurd als gelatine, het inkarnaat glad
en bedwelmend, beter dan Kodak: tentoongesteld
in de École des Beaux-Arts, een eeuwigheid die te koop is.

Waarom dit alles? Waarom het blik van de orden,
het fanatieke vlees, de vergulde adelaar van gips?

Wat ziet hij er merkwaardig pafferig uit op zijn tachtigste,
uitgeput, de hoge hoed in zijn linkerhand.
'Alles is voor niets geweest.' Maar, maar geëerde meester!
Wat moet de lijstenmaker, de glazenmaker wel van u denken,
de trouwe kokkin, de lijkenwasser? Enig antwoord:

Hij zucht. Hoog boven de wolken, onirisch, de vingers van Thetis,
die zich als wormen kronkelen om Jupiters zwarte baard.
Met tegenzin werpen wij een laatste blik
op de kunstenaar – wat zijn zijn benen kort! -
en verlaten op onze tenen het atelier.

 

Uit de bundel 'De Furie van het verdwijnen' vertaling Peter Nijmeijer.
De gedichten in deze bundel zijn geschreven tussen 1978 en 1980. De eerste afdeling, 'Tranen van dankbaarheid', bevat een reeks idyllen, momentopnamen uit de jaren zeventig. De toon van deze gedichten is radeloos, uitgelaten, kortaangebonden, bij vlagen sarcastisch. De laatste afdeling, getiteld  'De Furie van het verdwijnen' waaruit het gedicht 'Op bezoek bij Ingres' afkomstig is, bestaat uit dromen en dagdromen, meditaties en overpeinzingen.
Tussen deze twee reeksen gedichten in staat een lang psalm, 'De kikkers van Bikini'. Dit gedicht vormt de ruggengraat van het boek en kan gelezen worden als een poging tot afrekening.
De bundel 'De Furie van het verdwijnen' beweegt zich van Bertolt Brecht (engagement) naar Gottfried Benn (autonome poëzie) en terug. Hoofdthema blijft het geloof in de twijfel, het ondermijnen van denkmechanismen en zekerheden.

Jean Auguste Dominique Ingres (1780 – 1867) was een voortreffelijk tekenaar, maar kreeg geen emotionele band met zijn onderwerpen en had weinig interesse voor de uitdrukking in een gelaat. Zijn idool Rafael inspireerde hem tot de gepolijste perfectie van zijn werk. Ingres was een vooraanstaande persoonlijkheid in de klassieke traditie van het negentiende-eeuwse Frankrijk. Hij schilderde, uit de tweede hand, veel geïdealiseerde en exotische oosterse taferelen met wulpse naakten.

 

Enzensberger-Ingres  Enzensberger-Ingres 
'Paolo and Francesca' musee Des Beaux Arts Pereus bevrijdt Andromeda
Enzensberger-Ingres  Enzensberger-Ingres 
Study of a Male Nude The Apotheosis of Homer
Enzensberger-Ingres  Enzensberger-Ingres 
The Bather The Grand Odalisque
Enzensberger-Ingres  Enzensberger-Ingres 
The Turkish Bath 1859-63 The Source