Hawinkels-Breughel-01

De val van Icarus

Pé Hawinkels

Hoe staat ’t met de boerenstand?
‘De boeren’, zo zegt men, ‘ploegen voort’,
daar zit iets in. De boer kijkt naar de
akker, zo bleek als ’n kwal, die hij kerft & omlegt in repen;
wat zou hij anders? Kijken boeren vooruit,
dan zien zij de kont van hun knol, en verder
niets. Maar wie hiermee op hen is uitgekeken,
heeft ’t mis: met onbeholpen gratie
spitst de boer zijn tred. Hij wil zijn aarde
niet meer dan nodig pijn doen, hij
is tevreden, want zijn blikveld is gevuld.

Hoe staan de herders in ’t veld?
De kudde, die houdt de hond in ’t oog,
dat is bekend. Zwarte schapen, brave schapen,
alles lebbert aan de chlorophyle adem van de aarde,
en, mythologische paradepaardjes dat ze zijn laten de schapen
de herder over aan zijn historische bestemming.
Tijd heeft hij in overvloed: zijn taak wordt staren,
uren oog aan oog staan met uitgerekend
’t meest nietszeggend segment van ’t beslagen azuur
der hemelen. Zijn vermoedens zijn onzakelijk: maar hij heeft
ook geen emplooi voor groter zakelijkheid dan z’n hond.

En de zeevaart? Joho, op volle zeilen scheert,
klapwiekt ieder schip zijn steven achterna. Speels in schijn
klauteren mannen als jongens ’t want en het kraaiennest in, ’t geldt
de koers te bestendigen naar de uit ivoor gesneden stad,
die als op uitgestoken tong vrolijk inviterend in de mond
van ’s avonds lokt. Eerst zullen de schepen, de veulens
nog dartelen en stoeien voordat ze
de zoele stal van haven & nachtrust erkennen,
en, nahijgend nog van de dolle avances
van de late bries, zich neerleggen bij hun adem,
die stil & langzaam liggen gaat.
Wie dan derden heeft er oog
voor die blanke beentjes van de enkeling
die net op dit uur in vredestijd pardoes in ’t water valt?
Overal in ’t rond worden de officiële schaduwlopers uitgerold,
verbeidt men de avond; en hoewel men vlak
bij zijn val de scherpste ogen van dit universum weet
– haviksogen, vissersogen – bestaat er gerechte twijfel
of er van de schemertafel ’n kruimel aandacht tuimelt
voor zijn duik in de dood. Of is de zon tegenwoordig
een oog, een gele, elementaire iris, welks onder
drijft in een bad van de zuiverste traan?

Meer Breughel op deze site:
Brueghel - Alstein, Breughel - Anker, Brueghel - Auden, Brueghel - Berryman, Brueghel - Burnier,   Brueghel - Claus, Brueghel - Coninck, Brueghel - Emmens, Brueghel - Enquist, Brueghel - Foerster, Brueghel - Hawinkels01, Brueghel - Hawinkels02, Brueghel - Herzberg, Brueghel - Jooris, Brueghel - Kal, Brueghel - Kopland, Brueghel - Langland, Brueghel - Mare de la, Brueghel - Verwey, Brueghel - Smit, Brueghel - Spillebeen01, Brueghel - Spillebeen02, Brueghel - Spinoy, Brueghel - Szymborska, Brueghel - Velde, Brueghel - Vestdijk, Brueghel - Williams01, Brueghel - Williams02, Brueghel - Williams03, Brueghel - Williams04, Brueghel - Williams05, Brueghel - Williams06, Brueghel - Williams07, Brueghel - Williams08, Brueghel - Williams09, Brueghel - Williams10

Icarus-gedichten

KunstKolom Pieter Breughel

Breughel tekeningen.