Toorn-Francesca

Piero della Francesca
Leggenda della vera Croce
fresco’s in de San Francesco, Arezzo

Willem van Toorn

1.

Dit is over het kruishout allemaal:
een strip van kleurige kalk landschappen,
konten van speelgoedpaarden, hoofse poppen,
geordend in stilgevallen kabaal

van oorlogen, steden, stoeten. Het verhaal
over de boom der kennis van goed en kwaad.
Een tak daarvan geplant na Adams dood
die weer uitgroeide tot een boom zo groots

dat hij voor de bouw van koning Salomo’s
paleis wordt omgehakt. Maar Scheba droomt
dat er een koning ooit aan sterven gaat
die haar vorst overvleugelt, en ze laat

het hout begraven in een put. Vergeefs:
precies op het tijdstip van de profeet
drijft het weer boven. Een Romeins soldaat
hamert de spijkers erin, dwars door Zijn vlees.

2.

Verhaal van verf. Wie het nu leest weet niet
waarom het zo moest: die serene stoeten
van hovelingen, hovaardige hoeden,
geplooide mantels en in het verschiet

droomlandschappen als in het paradijs.
Gaat het soms om hoe we staan, hoe onze voeten
aarde raken en niet, hoe bont en zij
in deze eindige verkleedpartij
verhullen wat ze zijn: kinderen, zoekend
naar wat de dingen zeggen? Tussen hen allen
één die het weet misschien. Hij richt
het hout op bij de put waar het moet vallen
naar Scheba’s wil. Simpele dronken knecht
in vodden, maar het meest een mens.

Houtnerf en aureool achter zijn hoofd, maar uit
zijn hemd
hangen, secuur van lijn en kleur, zijn ballen.

3.

Het moet wel zo zijn dat jij ergens staat
in deze scènes van het heilig hout.
Zo stil en hoofs in een geplooid gewaad
als deze hofdames van Scheba’s stoet.

Vocht vreet de beelden aan. Een mouw, een hoed
vermoed ik wel, flard van een lap
kostbare mantelstof. Geef een teken. Ik moet
haastig de wanden langs of mij ontsnapt
jouw ogenblik binnen dit tijdloos staan.

4.

Gezichten doodgewoon buiten op straat.
Winkelier Salomo. Jongen op het terras
met engelengezicht. En Scheba stapt
juist in de bus die naar het bergdorp gaat

waar haar gezin op de boodschappen wacht.
Lansknechten in zijstegen. Een profiel
gevangen in een ruit, een hiel
maar net los van de grond, precies zoals

de paardenjongen pratend met zijn maat
bij Piero. Wie maakt hier een grap
met jou en mij? Ik zie je wel
wegglippen uit de deur van de kapel.
Binnen of buiten. Of het iets uitmaakt.