Vasalis-Gaugain

Vahine no te tiare
Gauguin

Maria Vasalis

Als ik haar zie, rechtop gezeten,
zwart voor een roode achtergrond
vrouw met het rustige gelaat,
lijkt ieder ander mij verbeten,
onzeker en te snel verwond.

Haar voorhoofd is een kooperen plaat,
een schild waarachter haar gedachten
naakt en gehurkt liggen te wachten;
boven de wallen van haar wangen
de bruine oogen, onbevangen,
zonder glimlach, zonder woede
stil en helder op hun hoede.
Van reserve en geduld
is haar dichte mond gevuld.

Nog weet zij niet wat haar verraadt:

Zij beseft niet, dat haar hand
sluimrend op haar schoot – zoo smal
met een bloem tusschen de vingren –
in extase en in haat
onverwacht een dolk zal slingren
naar wien zij beminnen zal.

Zie ook: Vasalis - Seghers