Veth-Rembrandt
Rembrandt van Rijn 'Hendrickje Stoffels' 1650

Rembrandts sibylle

Jan Veth


Wat peinst gij, jonge en paarl-omschenen Vrouwe,
Wier aanschijn, in doorluchte duisternis
Gedompeld, sidderend en ongewis,
Ootmoed en wijsheid spelt en droef betrouwen?

Wie zijt gij, met die vreemd getrokken brauwen,
Boven die oogen, waar geen glans in is,-
En welk gemurmel van geheimenis
Liet zulk een weemoed op uw wangen dauwen?

Zijt gij de Geest van vagabondiesch droomen,
Die tot de kusten rijkt, waar wonderlijk
Uit grauwe raadslen gulden lichten doomen?

Of de Gezalfde zelve uit Rembrandts Rijk,
Waar 't murwe, weelde nog van schoonheid vangt,
En smart een hooger gloor dan vreugde erlangt!

Veth-Rembrandt
Rembrandt van Rijn 'Hendrickje Stoffels' (Louvre - Parijs)