Vliet-Fabre
Jan Fabre
(niet de afbeelding - kunstwerk - bedoeld in dit gedicht)

Wetskamer

Eddy van Vliet

Een kamer van geloof. De stilte is volmaakt.
De tafel, de stoelen en de wieg. Gekozen
werd voor wat de deurwaarder ontziet.

Niets kiemt, niets groeit, niets rot.
Verduurzaamd is het flinterdunne vel
dat vet, bloed en spieren bedekt.

Een zeepbel lang leeft de mens.
Radeloze broosheid maakt hem lam.
De balsemer kookt haar tot een talisman.

Stolling behoedt. Lucht voedt.
In de reliekhouder wekt zij de doodsslaap,
die leven in leven houdt, nooit.

Vliet-Fabre
Jan Fabre
(niet de afbeelding - kunstwerk - bedoeld in dit gedicht)