Wilderode-Angelico

Firenze 3

Anton van Wilderode

San Marco / Annuntiatie in Cella 3

De grote engel heeft andere ogen
dan die van gister, een ander gezicht
nu hij ontzaglijk ingetogen
rechtopstaat onder de ronde bogen
in nauwelijks méér dan morgenlicht.

Het meisje Maria geknield gebleven
de vinger in het gebedenboek
aan het blad waar zij verder zal lezen
straks als de blijdschap blijft, en de vreze
voorbij van het hemels bezoek,

het meisje Maria, de mond nog gesloten
met heel haar lichaam luistert zij naar
de boodschap van boven op rozerode
vleugels gebracht door de heilige bode
zonder verbazing of wangebaar.

De dag herbegint, op de plek waar hij daalde
ligt het okeren poederstof van altijd
geen spoor is gebleven van wie daar straalde
geen woord van de woorden die hij herhaalde,
alleen maar het antwoord: ik ben bereid.

San Marco-klooster (Firenze)

Verleden vliet in deze panden
en, waar geen levensstroom genaakt,
Voel ik mijn ziel die aan de randen
der stilte, schier volkomen, raakt.

Wat blijft mij van dit overzweven
en dit bewogen beurtgezang?
Misschien het onverdeelde leven
dat ik zo rusteloos verlang;

misschien het tedere begrijpen
der dingen, waar de smart begint:
de kern waarronder de vruchten rijpen,
de prille wasdom van het kind.

Denkend aan San Marco

zie ook: Angelico - Merode

 

Wilderode-Angelico Wilderode-Angelico

 

Op bezoek in Sint Niklaas struikelde ik onlangs (april 2012) over dit fraaie beeld van de priester-dichter Anton van Wilderode gemaakt door de beeldhouwer (tekenaar en graficus) Wilfried Pas (1940).
Wilderode-Angelico Wilderode-Angelico
Wilderode-Angelico Wilderode-Angelico
Wilderode-Angelico Wilderode-Angelico

Onderstaande versie van 'lied van mijn land' wijkt iets af van de versie op de plakkette, wie de definitieve tekst kent mag het zeggen.

 

lied van mijn land

Anton van Wilderode

Lied van mijn land 'k zal U altijd horen
Uit alle dalen der herinnering,
Over de heuvlen van ruisend koren
En de rivier in haar steigering.

Lied van mijn land 'k zal U altijd horen
Uit alle dorpen in de deemstering,
En uit de warmte der huizen rond de toren
Onder de huif van de zomerwind.

Lied van mijn land 'k zal U altijd horen
Lied van verlangen en vertedering,
Dat met de kindren altijd herboren,
Zacht met de doden tot zaad verzinkt.

Liefelijk land, in de bruisende horen
Hoor ik U Vlaandren en zing en zing.
Liefelijk land, in de bruisende horen
Hoor ik U Vlaandren en zing en zing!